" De hoogste en enige roeping van de arts is zieke mensen beter te maken, wat men genezen noemt. "
Samuel Hahnemann Organon VI § 1
" De ware geneeskundige dient de beschikking te hebben over de meest werkzame en meest zuivere geneesmiddelen, zodat hij op hun geneeskracht vertrouwen kan, hij moet zelf hun kwaliteit beoordelen. "
§ 264
" ... ze ook zelf bereiden "
§ 265

Tegenwoordig is het de arts niet meer toegestaan zelf geneesmiddelen te
bereiden. Hij of zij moet erop vertrouwen dat de producent van de
geneesmiddelen zich in alle opzichten nauwkeurig aan Hahnemanns
voorschriften houdt. Het is ons streven dat u dat vertrouwen met een
gerust hart in ons kan stellen.
Wij begonnen met het bereiden van homeopathische geneesmiddelen in 1987.
De aanleiding daarvoor was dat enkele artsen, zowel in Duitsland als
daarbuiten, de wens te kennen gaven over hoogwaardige geneesmiddelen te
kunnen beschikken, waarvan de oorsprong en bereiding volledig gedocumenteerd
moesten zijn.
Door onze werkwijze kunnen wij garanderen dat onze geneesmiddelen precies
overeenkomen met de stof die in de eerste of belangrijkste geneemiddelproeven
werd gebruikt. Het is immers vooral de informatie uit die geneesmiddelproeven
die U gebruikt om de gelijksoortigheid aan de symptomen van de patient te
bepalen.
Op basis van § 270 van het Organon (6e druk) werkten wij in ons laboratorium
in eerste instantie aan Q-potenties, en later zijn we ook C potenties gaan
maken.
Conform de beschrijving in § 270 van het Organon (6e druk), bereiden wij
Q-potenties op de volgende manier:
De uitgangsstof van het geneesmiddel wordt met de hand verwreven in de
verhouding van 1 grein (= xxx milligram) uitgangsstof tot 100 grein
melksuiker. In drie stappen wordt zo gepotentieerd tot een C3, met een
verwrijvingsduur van 1 uur per potentie-stap.
"De in de materie verborgen liggende krachten worden daarmee steeds verder
bevrijd, en dit proces vergeestelijkt de materie zelf, en maakt ze subtieler,
tot een onstoffelijk geneesmiddel ontstaat" (Organon, 6e druk, § 269 en
270 fn)
Een grein van de C3 wordt opgelost in 500 druppels van een mengsel van
ethanol en water; daarvan wordt een druppel met 100 druppels oorspronkelijke,
hoogwaardige wijngeest verdund. Deze oplossing wordt vervolgens honderdmaal
geschud, en daarna worden 50.000 globuli ermee gedrenkt. (100 globuli =
1 grein = ca 60 mg). De globuli worden dan op filterpapier gedroogd.
Daarmee is de Q1 potentie bereikt.
Een globulus van de Q1 wordt in een druppel water opgelost, vervolgens
samen met 100 druppels hoogwaardige wijngeest honderdmaal geschud, en met
deze oplossing worden opnieuw 50.000 globuli gedrenkt waarmee de Q2 potentie
is bereikt, enzovoorts.
De bereidingsvoorschriften voor de C-potenties zijn aan verschillende
publicaties van Hahnemann ontleend (Chronische Ziekten deel 1 en deel 3).
Wij lossen de met de hand verwreven C3 op tot de C4 en potentiëren
vervolgens verder met zuivere wijngeest in de verhouding van 1 druppel op
100 druppels. Voor elke potentie-stap wordt een nieuw glazen flesje gebruikt,
in totaal dus 197 flesjes om tot de C 200 te komen. Vanwege de beperkte
opslagruimte wordt vervolgens 85 % van de tussenpotenties weggegooid.
1 Lactose en verwrijfschaaltjes voor de bereiding van de trituraties C1 -C3
2 De 197 flesjes voor de potentiërings-stappen tot C200
3 Geïmpregneerde korrels liggen te drogen op het filterpapier
Iedere geneesmiddelbereiding heeft haar eigen, vaak spannende geschiedenis, die volledig wordt gedocumenteerd en bewaard.
Sinds mei 1999 werken we geheel volgens het HAB (Homöopathisches
Arznei Buch).